|
Deze kaketoes zijn winterhard, het zijn uitstekende
vliegers en ze zoeken graag voedsel op de bodem. Dit zijn de belangrijkste
punten waar bij de huisvesting op gelet moet worden.
Ze hebben minimaal beschutting tegen extreme weersomstandigheden nodig:
regen, storm, felle zon en kou. Volgens sommige auteurs hoeven ze niet echt
een dicht nachthok te hebben, maar moet er wel een ruimte beschikbaar zijn
die aan drie zijkanten en de bovenkant dicht is, zo mogelijk van de
overheersende westelijke windrichting af. Het nadeel daarvan is echter, dat
in de winter de kou uit het oosten komt. Het lijkt me dan ook veel beter
toch maar een vorm van onderdak te kiezen die helemaal kan worden
afgesloten. Het zal voor zulke vogels vast niet goed zijn om bij strenge
vorst deels buiten te zitten. Als u bedenkt dat in hun natuurlijk
verspreidingsgebied de temperaturen uiteenlopen van -5C tot boven 45C is wel
duidelijk dat ze wat gewend zijn, maar om ze dan ook nog bloot te stellen
aan –l5C of lager lijkt me toch wel wat veel van het goede.
Het zijn prima vliegers, en in het wild is duidelijk te zien dat ze hier
echt van kunnen genieten. Ik heb ze vol overgave en luid roepend tussen de
bomen door zien scheren en zwenken, een en al levensvreugde.
Om voluit van hun vlucht te kunnen genieten zou de ruimte
minstens 20 m moeten lang zijn; niet alleen kunnen ze dan goed de
vleugels uitslaan, maar ook is de kans op vervetting kleiner: hoe meer ze
vliegen, hoe beter.
Liefhebbers die deze vogels wat beter kennen weten dat ze veel op de bodem
van de volière vertoeven, op zoek naar iets eetbaars. Als u het uw vogels
naar de zin wilt maken moet u daar dus rekening mee houden; naar mijn mening
mag u ze niet van hun natuurlijke drang beroven om op de grond te
foerageren. Dus geen volières bouwen volgens het Amerikaanse systeem met de
(gazen) bodem een meter boven de grond, en ook geen volledig betonnen
ondergrond geven. Dit laatste kan eventueel wél als er een laag zand en/ of
houtsnippers op aanbrengt. Maar het beste is toch een boden met een
natuurlijke begroeiing van gras en wilde planten.
|
|
 |